+ leeg -

Iedereen koopt wat hij mooi vindt, zit lekker op een terrasje achter een bak koffie en een gebakje. Dan kan ik mij echt te min voelen.Vrouwen, armoede en geluk

Artikel uit de Arme Krant van Nederland - juni 2011

Omgaan en werken met mensen die langdurig in armoede leven, vraagt om voortdurende bescheidenheid ten aanzien van je eigen inzichten. Wij zijn Ria van Nistelrooij en Marja Wittenbols, maatschappelijk activeringswerkers, die optrekken met vrouwen en kinderen in armoede. Twee van die vrouwen zijn Eva en Anna. Zij vertelden ons over hun kijk op armoede en geluk.

Marja: Hoe praten vrouwen die in armoede leven over geluk? Ze zeggen vaak dat ze geen geld nodig hebben om gelukkig te zijn, dat geluk in kleine dingen zit en dat rijke mensen vaak heel ongelukkig zijn.
Ria: Dat klopt, maar later, als je meer vertrouwen hebt, hoor je vaak andere verhalen. Neem bijvoorbeeld Eva. Ze is 49 jaar en heeft haar kinderen, die inmiddels de deur uit zijn, als bijstandsmoeder alleen opgevoed. EVA zegt: "Een geluksgevoel kan door verschillende dingen veroorzaakt worden. Je kind dat lief voor je is, de armen om je heen slaat, je een compliment geeft of een taak uit zichzelf doet, zichzelf ontplooit en een mens met eigenheid is en wordt. Een mooie zonsop- of ondergang. Uit onverwachte hoek iets ontvangen waaraan je net behoefte hebt. Iets kunnen betekenen voor een ander."
Dit is het verhaal van een sterke vrouw, die zich weet te handhaven in een moeilijke situatie: gewoon gelukkig zijn met kleine dingen. Maar Eva’s verhaal ging verder: "In de Nederlandse maatschappij wordt een bepaalde levensstandaard verwacht. Je hebt werk, rijdt een auto, gaat minimaal eenmaal per jaar op vakantie, koopt op gezette tijden nieuwe dingen, kleding, meubels etc, je gaat af en toe uit. Kortom, een bepaald bestedingspatroon en de sociale aansluiting die daarbij hoort wordt als normaal beschouwd. Maar in mijn situatie heb ik te maken met schuldhulpverlening, voedselbank, laag bestedingspatroon, weinig familiebanden en een zekere vorm van isolement. Wat gebeurt er als ik in een omgeving kom, waarin deze zaken niet spelen? Van mij wordt verwacht dat ik mee kan praten over benzineprijzen, Ikea- winkels, de laatste musicals, de uitverkoop, de nieuwste iPhone, de mode, de vakantie in de zomer én in de winter, belastingaangiftes etc. Daar zit je dan, al jaren te overleven in een wereld die zo ver weg staat van de belevingswereld van zoveel anderen. Zoals ze dat zo mooi kunnen zeggen: je mist de aansluiting. Dat voelt de ander en dat voel je zelf. Je staat buiten de ‘groep’. De veiligheid opzoeken van je eigen kleine wereld is dan een overlevingsvorm die je gaat ontwikkelen. Je kunt je dan héél ongelukkig voelen. Mijn economische situatie heeft in zo’n geval invloed op mijn gevoel van gelukkig zijn.

Overlevingstechnieken

Ria: Nou, dat zet me wel aan het denken. Geluk, en je ongelukkig voelen, heeft dus ook te maken met hoe je denkt dat anderen naar je kijken en over je oordelen. Misschien klopt dat niet, misschien denkt die ander helemaal niet zo over jou, maar dan ga je je toch daaraan aanpassen of je wilt zo min mogelijk gezien worden.

Marja: dat zijn overlevingstechnieken die we heel vaak zien. Anna heeft daar voorbeelden van gegeven. Zij heeft ook haar sporen verdiend als vrouw in armoede. Vaak zat ze in de bijstand en soms had ze betaald werk. Anna kan heel precies zeggen wat de armoede met haar deed: "Geld draagt zeker wel bij aan geluk, ik heb vaak gemerkt dat als ik humeurig was het vaak te maken had met het niet rond kunnen komen. Lees een Margriet of Libelle, er staat maar weinig in dat wij ook kunnen doen: arrangementen, make-up, beauty salons, boeken, etc.. Als ik dat lees, kan ik daar echt een deprimerend gevoel van krijgen. Dat is niet voor mij, maar voor al die anderen. Zelfs een abonnement kunnen wij ons niet veroorloven. Ik heb een hele oude leesmap. Met Pasen lees ik over de kerstmaaltijd. Ik lach er maar om. Dat gevoel kan mij ook besluipen wanneer ik in de stad loop. Iedereen koopt wat hij mooi vindt, zit lekker op een terrasje achter een bak koffie en een gebakje. Dan kan ik mij echt te min voelen. Maar als ik met een van de kinderen ben, dan heb ik zoveel afleiding dat negatieve gevoelens geen kans krijgen of het moet zijn dat ik voor de zoveelste keer “nee” moet zeggen, terwijl ik ze het zo gun. Maar krijgen ze een keer wél iets, dan zijn ze zo dankbaar, dat ik blij ben dat ik dat gedaan heb. Ik voel me dan zo gelukkig met mijn kinderen. Ik durf met heel mijn hart te zeggen dat ik een gelukkig mens ben, ondanks dat ik ook deze maand niet weet hoe ik rond moet komen.
Mensen in armoede zijn vaak zo beschaamd over hun situatie dat ze er alles aan doen om niet als arme gezien te worden. Dat is goed tot het contraproductief wordt. Als niemand weet dat je arm bent, bereikt informatie om je vooruit te helpen je vaak niet. Wie geeft jou de juiste folders of wijst je op bestaande voorzieningen? Mensen denken dat jij die niet nodig hebt en zelf weet je niet waar je moet zoeken. Dat is een dilemma: jezelf laten zien als arme of juist niet. Gelukkig zijn er nu vaker programma’s op de televisie te zien, met levensverhalen van mensen die door pure pech en vervelende samenlopen van omstandigheden in armoede komen. Het wordt niet meer altijd als een persoonlijk falen neergezet.

Twee werelden

Ria: Even terug. Armoede en geluk sluiten elkaar blijkbaar niet uit, maar het ligt aan de manier waarop je naar je ervaringen kijkt. Mensen kunnen hun leven beschouwen op persoonlijk niveau en heel gelukkig worden van goede dingen in hun privékring of in de natuur. En vooral hun verhouding met het meer welgestelde deel van de samenleving, mensen die niet weten wat armoede betekent, noemen zij als oorzaak van ‘niet-geluk’, van zich buitengesloten voelen. Het gevoel dat je je anders moet voordoen geeft ongemak.
Marja: Het geeft me een onrustig gevoel. Ik bewonder mensen die het lukt om zich gelukkig te voelen in heel moeilijke omstandigheden. Maar we weten ook dat armoede geluk in de weg staat. Het beperkt mensen in hun ontplooiingsmogelijkheden en berooft velen van een positief zelfbeeld. Hun kracht om toch te overleven en er het beste van te maken mag geen excuus zijn voor de samenleving om akkoord te gaan met het bestaan van armoede.
Ria: Bij het proberen armoede tegen te gaan, komen we een flink obstakel tegen, namelijk de gevoelde afstand tussen arm en rijk. Ik schrik vaak van de kloof die mensen in armoede voelen tot de rest van de samenleving. Velen delen de samenleving in in armen en rijken, alsof iedereen die niet van heel weinig geld moet leven, meteen rijk is. Het lijkt dan of er alleen mensen zijn die zich niets en mensen die zich alles kunnen veroorloven. Tegelijkertijd hebben mensen die het beter hebben, vaak een karikaturaal beeld van hoe mensen in armoede leven, alsof dat de hele dag door doffe ellende is. Door die valse beelden over en weer, is er een grote, bijna onoverbrugbare afstand tussen de twee werelden, terwijl het toch gaat over mensen die naast elkaar in dezelfde samenleving leven.
Marja: Mensen die niet in armoede leven zouden daarom, uit solidariteit met degene die arm zijn, moeten vertellen dat armoede geluk in de weg staat, zodat de mensen voor wie armoede de dagelijkse werkelijkheid is, zichzelf niet hoeven te beroven van hun óók beleefde gevoel dat ze op een aantal terreinen toch nog gelukkig kunnen zijn.
Ria: Dus we moeten er oog voor hebben dat mensen die in armoede leven geluk kunnen beleven door kleine dingen. En ze tegelijkertijd steunen in het vertellen van het grote ongeluk van armoede?
Marja: Ja. En soms moeten wij hun stem zijn, als ze zelf (even) niet meer kunnen.

Ria van Nistelrooij en Marja Wittenbols
Dit is een verkorte versie van een artikel dat te lezen is in het themanummer 'Economie en Geluk' van het Tijdschrift voor Geestelijk Leven' van januari 2011.

Naar de top van de pagina

Naar startpagina Arme Krant van Nederland

Naar overzichtspagina publicaties

 

Content on this page requires a newer version of Adobe Flash Player.

Get Adobe Flash player